arrow_drop_up arrow_drop_down
MH17: ROUWEN, HOE DAN?! - FAMILIECONTEXT
8 november 2020 

MH17: ROUWEN, HOE DAN?! - FAMILIECONTEXT

Fragment uit mijn boek MH17: Rouwen, Hoe dan?!

DEEL 2  DE GEZICHTEN

HOOFDSTUK 4 FAMILIECONTEXT

FAMILIECONTEXT

Mijn familie is typisch Indisch. In het huis van mijn grootouders en ouders is er altijd wel een wajangpop, een schilderij van een sawa of donker houten meubelstukken. Dit zijn de herinneringen aan Nederlands-Indië.

TYPISCHE DINGEN IN ONZE INDISCHE FAMILIE

Wanneer er iemand jarig is dan staan we met zijn allen in een overvolle keuken (in plaats van in een kringetje). We serveren geen koud eten op verjaardagen. Wanneer we rijsttafel maken zetten we de gerechten netjes naast elkaar, dus allemaal apart. We maken natuurlijk veel te veel eten. Wanneer we hutspot eten dan doen we dat met een vleugje sambal badjak. Ketimun (komkommer) bewerken we met een vork, zodat de plakjes een kartelrandje krijgen.

Knoflook spreken we uit als KnokLOOF en we maken samen lemper of pangsit. We eten bijna overal sambal bij.

We eten met de hand. We schillen fruit met de snijrichting van ons af in plaats van naar ons toe.

We eten erwtensoep met rijst. We drinken koppie toebroek. Bij thee nemen we eerst een slokje om de mond te spoelen, en dan pas gaan we roeren. We laten restjes drinken staan in elk kopje want drank drink je niet helemaal tot de bodem op. Bij het eten zitten we altijd lang na en ngobrollen na het eten. Onverwachts bezoek laten we ook altijd aanschuiven aan tafel of bieden mensen ALTIJD eten aan. De buren brengen we ook altijd een bordje eten. We hebben het altijd over lekker eten en vinden gerechten zonder knoflook smakeloos. We eten het liefst 3x per dag rijst. Op ons werk eten we nasi uduk met abon sapi. Als iemand je iets aanbiedt, zeg je eerst: “Nee, laat maar of aduh, hoef niet” en niet meteen: ”Ja is goed.” Na het eten trekken we de mondhoeken naar beneden om de rijst tussen de wangen en kiezen vandaan te krijgen.

We hebben ook een enorme hoeveelheid aan plastic bakjes a la Tupperware. Als iets je niet bevalt zet je nooit een grote mond op, je blijft beheerst en beleefd.

Want volgens de Adat ga je ervan uit dat de fout zichzelf zal herstellen of dat degene die buiten zijn boekje ging vanzelf tot besef komt om zijn fout goed te maken.

We hebben een bepaalde sombong (trots), bijvoorbeeld als iemand je voor schut zet word je niet meteen heel boos maar hem/haar wel negeren of maandenlang vuil blijven aankijken. We praten gewoon Nederlands maar natuurlijk wel met een paar Indo-woordjes of krachttermen, gebaren en geluiden erdoorheen. Tijdens het praten veranderen we van toonhoogte of we praten met geluid erbij. De lidwoorden en aanwijzend voornaamwoorden gebruiken we vaak niet helemaal op de juiste manier. Zachtjes, maar hard genoeg kunnen we tussendoor een aantal beledigingen uiten, zoals: gendeng (getikt), tollol (stom), bodoh (dom), begok (onnozel) of gila (gek).

We zeggen woorden in een verkeerde klemtoon en we praten in onszelf, met name de nene’s/oma. Ik weet niet beter of al mijn ooms en tantes spelen hun hele leven in allerlei Indo-Rock-bandjes. We hebben ons hele leven hetzelfde kapsel.

We zingen altijd en overal en ‘t lijkt of iedereen gitaar kan spelen. We maken muziek op verjaardagen. We luisteren het liefste de hele dag naar Krontjong, country of indo-rock. We zeggen oom en tante tegen Indo ouderen, ook al zijn zij geen familie van ons.

We stellen ook altijd de vraag: “Ben jij dan soms familie van?” We geven elkaar bijnamen of we verbasteren de naam.

We gebruiken kayuputih-olie als je sakit perut hebt en obat macan voor pijit-pijit. We zitten helemaal in elkaar gedoken met opgetrokken benen onderuit op de bank. We wijzen met onze duim naar iemand of naar eten en niet met de wijsvinger.

We geven onze babies een armband tegen de koorts/stuipen. We zitten in een volle zaal liever ergens achterin. We halen oepils (uit onze neus) en praten hierover.

We weigeren drie keer (spelletje) als oma geld aan je wil geven. We kopen hightech spullen, gadgets, de nieuwste van dit en dat. Jonkok bij de Hibachi en dan net zo lang kipas tot de sate gaar is.

We spreken mensen niet aan op hun cultuur, want dat is niet netjes. We lopen bijna altijd op teenslippers, ook met sokken aan. We zitten gehurkt, met platte voeten op de grond en de pantat naar achter.

We verven onze haren zwart wanneer we grijs worden. We gebruiken onze vingers en handen wanneer we iemand roepen. We kijken stoer in de spiegel en pruilen dan een beetje met onze lippen. We proberen zelf de dingen te fixen met elastiekjes of wat dan ook. We kaarten om geld en gooien de kaarten heel hard op tafel. We spreken cheque uit als Tjek en Edah als EdaG.

We zijn op gevorderde leeftijd nog mooi. De oudere Indo’s lopen met baseball caps en sportschoenen. We zullen niet snel een mening geven over anderen. We blijven altijd aardig ook al mag je de persoon niet. We willen anderen niet kwetsen of op hun nummer zetten. We zijn respectvol vooral tegen ouderen. We kroppen soms onze gevoelens op. We praten niet over gevoelens. We zeggen niet wat we echt denken. We zijn bescheiden en niet recht door zee.

We noemen elkaar “meis” en “jong.” We verzorgen onze ouderen in de familie. We zijn gastvrij en verdraagzaam. We zullen niets voor onszelf opeisen. We maken ons druk om niets. We praten met onze handen. We zijn niet krenterig en kunnen delen. In plaats van “nee” “èh-èh” zeggen.

In plaats van  “ja” “Hè-èh” zeggen. We branden wierrook. We masseren elkaar (pijit). We maken kèrih(kèròh), lekker rooie strepen op je huid. We laten de pink en duimnagels langer. We zijn op oudere leeftijd nog heel ijdel. Onze vrouwen drinken “jamu”(kruiden). We hebben luidruchtige en lieve familieleden. We hebben helderziende familieleden. We zijn bijzonder trots op onze Indo-roots. We hebben een hidung kepesek (platte neusvorm). We draperen doekjes veelal van batik. We lopen op blote kakis, ook buiten. We hebben goudkoorts.

We kijken boos zonder boos te zijn. We doen onze schoenen uit in huis. We gebruiken de botol cebok. We bewegen onze oren. We spelen congklak. Altijd jam-karet. We kraken onze vingers. We roken krettek. We scheppen altijd op.

We gebruiken de sapoelidi. We komen uit Nederlands-Indië of zijn Indo.

FAMILIE

Als je aan familie denkt waar denk je dan aan? De meeste mensen zullen denken aan warmte, genegenheid, gezelligheid, liefde, er voor elkaar zijn in voor- & tegenspoed. Voor mij zijn dat onbekende begrippen.

Ik kom uit een gebroken gezin. Mijn vader en moeder waren beide negentien toen ze mij kregen. Uiteindelijk kreeg ik twee zusjes erbij: Tess en Sanne.

Mijn ouders zijn gescheiden toen ik vier jaar oud was. Ik ben opgegroeid in Leidschendam, samen met mijn moeder en twee zusjes. Mijn vader was een lange periode niet aanwezig in ons leven. Hij verliet mijn moeder voor een andere vrouw, Charlotte, met wie hij uiteindelijk ook mee getrouwd is. Ook van deze vrouw is hij na een jaar of acht gescheiden.

Mijn moeder was een alleenstaande moeder en was vaak ziek. Ze zat meestal in de bijstand, want mijn vader betaalde zover ik weet geen alimentatie, dus we hadden het niet breed met zijn vieren. Natuurlijk zijn er in mijn familie een aantal mensen die heel veel van mij houden. Maar er zijn ook mensen die daar kennelijk een hele andere definitie aan geven. Bewust of onbewust, daar kan ik niet over oordelen.

Voor mij was de MH17 een katalysator. Het heeft ervoor gezorgd dat bepaalde stukken uit mijn leven zijn uitvergroot, gebeurtenissen zijn ontvouwd en in een nieuw perspectief geplaatst. Als kind heb ik nooit ervaren dat er van mij werd gehouden. De scheidslijn tussen ‘houden van’ en ‘niet houden van’ is voor mij flinterdun. Ik weet niet wat houden van betekent. Je zou denken: veiligheid. Maar mijn ouders of familie hebben mij nooit beschermd.

Zij hebben niet opgetreden wanneer ze dat wel hadden moeten doen. Mijn zusjes en ik zijn meer dan eens op een vreselijke manier in de steek gelaten, genegeerd. Maar toch, hoe gek dit ook klinkt, ik hou van mijn familie.

Mijn familie (aan zowel mijn vaderskant als mijn moederskant) heeft de oorlog in Nederlands-Indië en alle nasleep intens meegemaakt, met alle gevolgen van dien. Thuis werd daar niet over gesproken, er werd überhaupt nooit gesproken. Er was meer leed in mijn familie. Een zusje van mijn vader, tante Mary, is op jonge leeftijd omgekomen bij een auto-ongeluk. Mijn oma  van vaderskant is later gaan dementeren en een aantal jaar geleden overleden. Recent is een ander jonger zusje van mijn vader, tante Emira, overleden.

Maar de ramp met de MH17 heeft alles en iedereen in een ander perspectief gezet.

Mijn vader en ik hebben nu al een paar jaar helemaal geen contact meer en daarmee heeft mijn vader ook zijn oudste dochter verloren en ik opnieuw mijn vader waar ik zoveel van houd. Mijn vader en ik begrepen elkaar vaak zonder een woord te wisselen. We waren vaak vier handen op één buik.

De andere kant is dat hij nauwelijks bereikbaar is geweest voor zijn eerste drie kinderen in hun jonge jaren. We hadden helemaal geen bescherming, waren vrijwel altijd in onveilige situaties, langdurig slachtoffer van seksueel misbruik, lichamelijke en ook geestelijke mishandeling.

Natuurlijk ben ik boos. Boos op mijn vader, boos op mijn moeder, boos op mijn zusjes, boos op de hele wereld. Boos omdat mijn zusjes en ik in de steek zijn gelaten. Boos omdat het leeg en donker is. Boos omdat ik nog altijd niet weet wat veiligheid is. Daarom weet ik niet wanneer er echt van mij gehouden wordt, omdat ik daarop niet durf te vertrouwen.

VERDER LEZEN

Wil je mijn persoonlijke verhaal als nabestaande van de MH17 verder lezen? Je kunt hier het boek bestellen.

Ik deel mijn ziel in letters en hoop dat jij naar een wereld kunt kijken die voor ogen onzichtbaar is, want alleen met je hart kun je echt zien…

Liefs Lique

Over de schrijver
In het dagelijks leven is Lique een Well-being Coach & Mentor. Ze helpt je een gezonde levensstijl te leiden en je ware potentieel te ontgrendelen door in balans te komen, bewust je mindset te gebruiken en spiritueel te bloeien. Na haar opleiding Bedrijfskunde (MScBA) is zij verder gaan studeren. In haar onderzoek als PhD-candidate heeft zij geluisterd naar de verhalen van de Indische Nederlanders die na WOII zijn gerepatrieerd naar Nederland. Ook is zij auteur van 'MH17: Rouwen, Hoe Dan?!', coauteur van 'Lefwijf' en ervaringsdeskundige op het gebied van c-ptss, depressie, rouw & verlies.
Reactie plaatsen

Gebruik van cookies